DOSP-VHR-001923 | RethinkEnergy4Food

Bewerk Dossier Terug

Details

Business Unit
DOSP-WST
Kennisgroep
Onderzoeksgroep Energiemanagement
Beschrijving (Original)

Met Rethink Energy 4 Food wil het projectconsortium de energietransitie in de Vlaamse voedingsindustrie versnellen.Er worden nieuwe technologieoplossingen ontwikkeld bij voedingsbedrijven die zo bijdragen tot aan de Vlaamse 2030 doelstellingen. Naast pure energietechnologie wordt in het project ook bijzondere aandacht besteed aan voedingsprocestechnologieën die energietransitiedoelstellingen weten te combineren met productkwaliteitswinst en/of productierendementsverhogingen. Dergelijke win-win mogelijkheden verlagen de implementatiedrempel aanzienlijk en van daaruit kan bijgevolg de snelste introductie van de technologie en de kennis verwacht worden. Het projectconsortium zet in op toepassingsgerichte kennisopbouw, vertaalonderzoek, kennisverspreidingsactiviteiten en een platformwerking om de valorisatiekansen zo hoog mogelijk te krijgen.

Beschrijving (Enhanced)
Rethink Energy 4 Food versnelt energietransitie in de Vlaamse voedingsindustrie met nieuwe technologieën die bijdragen aan de 2030 doelstellingen. Focus op energie- en voedingsprocestechnologieën voor win-win oplossingen, verlaagt drempel voor implementatie en versnelt technologie-introductie. Toepassingsgerichte kennisopbouw en kennisverspreiding maximaliseren valorisatiekansen.
Beschrijving (Cleaned)

Met Rethink Energy 4 Food wil het projectconsortium de energietransitie in de Vlaamse voedingsindustrie versnellen. Er worden nieuwe technologieoplossingen ontwikkeld bij voedingsbedrijven die zo bijdragen tot de Vlaamse 2030 doelstellingen.

Naast pure energietechnologie wordt in het project ook bijzondere aandacht besteed aan voedingsprocestechnologieën die energietransitiedoelstellingen weten te combineren met productkwaliteitswinst en/of productierendementsverhogingen. Dergelijke win-win mogelijkheden verlagen de implementatiedrempel aanzienlijk en van daaruit kan bijgevolg de snelste introductie van de technologie en de kennis verwacht worden.

Het projectconsortium zet in op toepassingsgerichte kennisopbouw, vertaalonderzoek, kennisverspreidingsactiviteiten en een platformwerking om de valorisatiekansen zo hoog mogelijk te krijgen.

Resultaatsbeschrijving

(1) Inventarisatie van specifieke energienoden en –opportuniteiten in en voor de voedingsindustrie en kanalisering naar 4 focustrajecten voor een doorgedreven multi-innovatie benaderingsaanpak: die onderzoek voor verdere kennisopbouw, vertaalonderzoek, kennisverspreiding en complementaire platformwerkingsacties omvat. één door alle partners opgebouwde en voor alle partners beschikbare ‘RE4F database’ (2) Doorontwikkeling en toepassen van methodieken/modellen voor de analyse, selectie, evaluatie en optimalisatie van innovatieve technologieën ovv relevantie, performantie en techno-economische toepasbaarheid, specifiek tav de geïdentificeerde uitdagingen van de voedingsindustrie op vlak van energie Techno-economische analyse, selectie en evaluatie van hernieuwbare warmtetechnieken (uitwerking voor 5 generieke warmtevraagcases) (focustraject 2)Techno-economische analyse, selectie en evaluatie van energieopslagtechnologieën (validering voor 2 generieke cases) (focustraject 3)CFD modellering van ventilatie koelprocessen om de meest optimale ventilatie koelingsinstellingen en opstellingen te realiseren (uitwerking voor 3 voedingsproductcategorieën en 2 types koelsystemen) (focustraject 4)Uitbreiding van EnergyVille BE-TIMES model voor het uitvoeren van macrotrendanalyses in het energiesysteem voor de voedingsindustrie ter bepaling van kostenoptimale investeringen, identificering van toekomstbestendige technologieën en beoordeling van de impact van regelgeving rond klimaat- of beleidsambities (met bijkomende inclusie van 2 in het project onderzochte innovatieve procestechnologieën uit de voedingssector) (focustraject 3) (3) Experimenteel onderbouwde potentieelstudies en potentieelversterkende ontwikkelingen van duurzame innovatieve vergroeningsmogelijkheden voor de voedingsindustrie op piloot- en operationele schaal, en aansluitend, uitwerking van demonstratoren om de match tussen geselecteerde (best passende) of aangepaste innovaties op het vlak van energietechnologieën en de energienoden zichtbaar te maken 1 piloot-demonstrator voor in-line microgolftechnologie (ev. + IR en convectie) (voor 3 modelproducten) (focustraject 1)2 operationele demonstratoren voor industrieel hernieuwbare warmtetechnieken (doelbereik 100-150°C en max 300°C) en hun monitoring (focustraject 2)2 piloot-demonstratoren voor thermische opslag (focustraject 3)3 piloot-demonstratoren voor slim (AI-gebaseerd) flexibel energiebeheer (miv. energieopslag) (focustraject 3)1 piloot-demonstrator voor vacuümkoeling (voor 2 bakkerij- en 3 maaltijdmodelproducten) (focustraject 4) (4) Inzichtverwerving m.b.t. de inzet van innovatieve energietechnologieën en -benaderingen en de impact ervan op productiezekerheid en -efficiëntie en proces- en productkwaliteit (geborgd in rapporten en publicaties, op een projectsharepointplatform) Inzichten rond de inzet van in-line microgolfverhitting en zijn combinatie met infrarood en convectietechnologieInzichten rond de inzet van hernieuwbare warmtetechniekenInzichten rond flexibele energiebeheer door inzet van energieopslagtechnologieën en energiemanagementsystemenInzichten rond koelprocesoptimalisatie en het inzetten van hernieuwbare koeltechnologieën (5) Brede kennisverspreiding naar de ruime doelgroep en collectieve valorisatieacties met het oog op korte termijn vervolg/nevenacties en middellange termijn implementaties bij bedrijven (6) Platformwerking gericht op (i) brede technology watch binnen het verruimde thema, (ii) complementaire innovatieacties (bv. kennisdeling door externe partijen, partnermatching) en (iii) netwerkuitbouw met oog op valorisatie via vervolgtrajecten op Vlaams en Europees niveau Succesindicatoren KPI 1: het cumulatief aantal punten voor de collectieve acties gelinkt aan deel A van het COOCK-project en uitgevoerd voor het einde van deel A: 25, 75 ,150, 300, in respectievelijk 1e, 2e, 3e, 4e jaar van deel A. KPI 2: aantal unieke ondernemingen die minstens 1 ondernemingsspecifieke actie opstarten, gelinkt aan deel A van het COOCK-project, tijdens of tot twee jaar na het einde van deel A: 5, 15, 35, 60 in respectievelijk 1e, 2e, 3e, 4e jaar van deel A en tot twee jaar na deel A. KPI 3: het cumulatief aantal punten voor de voor de opgestarte ondernemingsspecifieke acties, tijdens of tot twee jaar na het einde van deel A: 10, 60, 180, 300 in respectievelijk 1e, 2e, 3e , 4e jaar van deel A en tot twee jaar na deel A. De algemene doelstelling van het project is om Vlaamse voedingsbedrijven in staat te stellen om versneld de energietransitie door te voeren door (i) een algemene kennisverhoging rond en (ii) een vertrouwensopbouw in nieuwe duurzame, innovatieve energie- en procestechnologieën die gepast ingezet kunnen worden in hun productieprocessen. Daartoe worden technologieoplossingen met toepassingspotentieel in kaart gebracht en hun techno-economische haalbaarheid en afstelbaarheid onderzocht, gedemonstreerd en gedissemineerd. Het vertaalonderzoek legt de focus op het aanbrengen van verbeteringen aan de innovatieve energie- en procestechnologieën om deze beter af te stemmen op de noden van de voedingsindustrie. Bijkomend zal, als belangrijk criterium, de voorwaarde zijn dat de voedselkwaliteit en -veiligheid van verwerkte eindproducten (minstens) behouden moeten blijven.. Toeleverende technologiebedrijven worden nauw, en samen met voedingsbedrijven, bij de projectactiviteiten betrokken met als doel dat zij kennis oppikken om marktklare toepassingen op maat van voedingsbedrijven te ontwikkelen en aan te kunnen bieden. Om de implementatie ervan te stimuleren omvat de platformwerking onder meer sectoroverschrijdende partnermatchingsactiviteiten. De reële doelgroep van dit project omvat voedingsbedrijven en hun toeleverende energietechnologie bedrijven, energieconsultancybedrijven, machinebouwers, procesintegratoren en sensor- en softwarebedrijven. Het potentieel op economische impact zit in een kostenreductie bij voedingsbedrijven en in investeringen in nieuwe energietechnologie en -diensten (met impact op bedrijven uit de voedingsindustrie én de technologiebedrijven). De potentiële kostenreductie die het project genereert bij voedingsbedrijven door vervolgimplementaties van de projectresultaten wordt op jaarlijks 1 MIO euro geschat, het ruimere potentieel (met een termijn tot 2030) op 50 MIO euro. De investeringen die gepaard gaan met vervolgimplementaties worden geraamd op 15 MIO euro, het ruimere potentieel op 422 MIO euro. De Vlaamse voedingsindustrie behoudt hiermee vooral zijn competitief voordeel maar kan ook toekomstgericht groeien door een ‘groen’ imago op te bouwen bij de consument en zich t.a.v. zijn afnemers beter te positioneren in de markt als de aanbieder van ‘klimaatneutralere’ voedingsproducten. Voor de technologiebedrijven leiden de toenemende investeringen door de voedingsindustrie uiteraard tot verdere groeimogelijkheden met directe bijdrage tot omzetstijgingen en de verdere uitbouw van de markt van de innovatieve duurzame energietechnologieën en -diensten, wat gepaard gaat met een tewerkstellingscreatie van 75 extra VTE’s door toedoen van het project en een ruimer potentieel van jaarlijks 211 werknemers op een langere termijn van 10 jaar. Verder creëert dit op zijn beurt spillovereffecten. Op maatschappelijk vlak is er grote potentiële bijdrage mogelijk tot de 2030 CO2-emissiereductie doelstellingen: een volledige vergroening van het aardgasverbruik van de voedingsindustrie (13,4 PJ) zou 0,755 Mton CO2-emissiereductie bewerkstelligen. Ook draagt dit project bij aan de transitie naar een klimaatneutralere productie van voeding. Energie-efficiëntere productie en lagere productiekosten komen de voedselprijzen, en dus de consument ten goede. Het project zet in op meerdere ‘Duurzame Ontwikkelingsdoelstellingen’: SDG 7 (Betaalbare en duurzame energie), SDG 9 (Veerkrachtige duurzame industrie, innovatie en infrastructuur), SDG 12 (Verantwoorde consumptie en productie).

Resultaatsbeschrijving (Cleaned)

Inventarisatie van specifieke energienoden en -opportuniteiten in en voor de voedingsindustrie en kanalisering naar 4 focustrajecten voor een doorgedreven multi-innovatiebenaderingsaanpak: die onderzoek voor verdere kennisopbouw, vertaalonderzoek, kennisverspreiding en complementaire platformwerkingsacties omvat. Één door alle partners opgebouwde en voor alle partners beschikbare 'RE4F database'.

Doorontwikkeling en toepassen van methodieken/modellen voor de analyse, selectie, evaluatie en optimalisatie van innovatieve technologieën met betrekking tot relevantie, performantie en techno-economische toepasbaarheid, specifiek voor de geïdentificeerde uitdagingen van de voedingsindustrie op het gebied van energie. Techno-economische analyse, selectie en evaluatie van hernieuwbare warmtetechnieken (uitwerking voor 5 generieke warmtevraagcases) (focustraject 2). Techno-economische analyse, selectie en evaluatie van energieopslagtechnologieën (validering voor 2 generieke cases) (focustraject 3). CFD-modellering van ventilatiekoelprocessen om de meest optimale ventilatiekoelingsinstellingen en opstellingen te realiseren (uitwerking voor 3 voedingsproductcategorieën en 2 types koelsystemen) (focustraject 4). Uitbreiding van EnergyVille BE-TIMES model voor het uitvoeren van macrotrendanalyses in het energiesysteem voor de voedingsindustrie ter bepaling van kostenoptimale investeringen, identificering van toekomstbestendige technologieën en beoordeling van de impact van regelgeving rond klimaat- of beleidsambities (met bijkomende inclusie van 2 in het project onderzochte innovatieve procestechnologieën uit de voedingssector) (focustraject 3).

Experimenteel onderbouwde potentieelstudies en potentieelversterkende ontwikkelingen van duurzame innovatieve vergroeningsmogelijkheden voor de voedingsindustrie op piloot- en operationele schaal, en aansluitend, uitwerking van demonstratoren om de match tussen geselecteerde (best passende) of aangepaste innovaties op het vlak van energietechnologieën en de energienoden zichtbaar te maken. 1 piloot-demonstrator voor in-line microgolftechnologie (evt. + IR en convectie) (voor 3 modelproducten) (focustraject 1). 2 operationele demonstratoren voor industrieel hernieuwbare warmtetechnieken (doelbereik 100-150°C en max 300°C) en hun monitoring (focustraject 2). 2 piloot-demonstratoren voor thermische opslag (focustraject 3). 3 piloot-demonstratoren voor slim (AI-gebaseerd) flexibel energiebeheer (incl. energieopslag) (focustraject 3). 1 piloot-demonstrator voor vacuümkoeling (voor 2 bakkerij- en 3 maaltijdmodelproducten) (focustraject 4).

Inzichtverwerving met betrekking tot de inzet van innovatieve energietechnologieën en -benaderingen en de impact ervan op productiezekerheid, -efficiëntie en proces- en productkwaliteit (geborgd in rapporten en publicaties, op een projectsharepointplatform). Inzichten rond de inzet van in-line microgolfverhitting en zijn combinatie met infrarood en convectietechnologie. Inzichten rond de inzet van hernieuwbare warmtetechnieken. Inzichten rond flexibel energiebeheer door inzet van energieopslagtechnologieën en energiemanagementsystemen. Inzichten rond koelprocesoptimalisatie en het inzetten van hernieuwbare koeltechnologieën.

Brede kennisverspreiding naar de ruime doelgroep en collectieve valorisatieacties met het oog op korte termijn vervolg/nevenacties en middellange termijn implementaties bij bedrijven.

Platformwerking gericht op (i) brede technology watch binnen het verruimde thema, (ii) complementaire innovatieacties (bijv. kennisdeling door externe partijen, partnermatching) en (iii) netwerkuitbouw met het oog op valorisatie via vervolgtrajecten op Vlaams en Europees niveau.

Succesindicatoren KPI 1: het cumulatief aantal punten voor de collectieve acties gelinkt aan deel A van het COOCK-project en uitgevoerd voor het einde van deel A: 25, 75, 150, 300, in respectievelijk het 1e, 2e, 3e, 4e jaar van deel A. KPI 2: aantal unieke ondernemingen die minstens 1 ondernemingsspecifieke actie opstarten, gelinkt aan deel A van het COOCK-project, tijdens of tot twee jaar na het einde van deel A: 5, 15, 35, 60 in respectievelijk het 1e, 2e, 3e, 4e jaar van deel A en tot twee jaar na deel A. KPI 3: het cumulatief aantal punten voor de opgestarte ondernemingsspecifieke acties, tijdens of tot twee jaar na het einde van deel A: 10, 60, 180, 300 in respectievelijk het 1e, 2e, 3e, 4e jaar van deel A en tot twee jaar na deel A.

De algemene doelstelling van het project is om Vlaamse voedingsbedrijven in staat te stellen versneld de energietransitie door te voeren door (i) een algemene kennisverhoging rond en (ii) een vertrouwensopbouw in nieuwe duurzame, innovatieve energie- en procestechnologieën die gepast ingezet kunnen worden in hun productieprocessen. Daartoe worden technologieoplossingen met toepassingspotentieel in kaart gebracht en hun techno-economische haalbaarheid en afstelbaarheid onderzocht, gedemonstreerd en gedissemineerd.

Het vertaalonderzoek legt de focus op het aanbrengen van verbeteringen aan de innovatieve energie- en procestechnologieën om deze beter af te stemmen op de noden van de voedingsindustrie. Bijkomend zal, als belangrijk criterium, de voorwaarde zijn dat de voedselkwaliteit en -veiligheid van verwerkte eindproducten (minstens) behouden moeten blijven. Toeleverende technologiebedrijven worden nauw, en samen met voedingsbedrijven, bij de projectactiviteiten betrokken met als doel dat zij kennis oppikken om marktklare toepassingen op maat van voedingsbedrijven te ontwikkelen en aan te kunnen bieden. Om de implementatie ervan te stimuleren omvat de platformwerking onder meer sectoroverschrijdende partnermatchingsactiviteiten.

De reële doelgroep van dit project omvat voedingsbedrijven en hun toeleverende energietechnologiebedrijven, energieconsultancybedrijven, machinebouwers, procesintegratoren en sensor- en softwarebedrijven.

Het potentieel op economische impact zit in een kostenreductie bij voedingsbedrijven en in investeringen in nieuwe energietechnologie en -diensten (met impact op bedrijven uit de voedingsindustrie én de technologiebedrijven). De potentiële kostenreductie die het project genereert bij voedingsbedrijven door vervolgimplementaties van de projectresultaten wordt op jaarlijks 1 miljoen euro geschat, het ruimere potentieel (met een termijn tot 2030) op 50 miljoen euro. De investeringen die gepaard gaan met vervolgimplementaties worden geraamd op 15 miljoen euro, het ruimere potentieel op 422 miljoen euro.

De Vlaamse voedingsindustrie behoudt hiermee vooral zijn competitief voordeel maar kan ook toekomstgericht groeien door een 'groen' imago op te bouwen bij de consument en zich ten opzichte van zijn afnemers beter te positioneren in de markt als de aanbieder van 'klimaatneutralere' voedingsproducten. Voor de technologiebedrijven leiden de toenemende investeringen door de voedingsindustrie uiteraard tot verdere groeimogelijkheden met een directe bijdrage tot omzetstijgingen en de verdere uitbouw van de markt van de innovatieve duurzame energietechnologieën en -diensten, wat gepaard gaat met een tewerkstellingscreatie van 75 extra VTE's door toedoen van het project en een ruimer potentieel van jaarlijks 211 werknemers op een langere termijn van 10 jaar. Verder creëert dit op zijn beurt spillovereffecten.

Op maatschappelijk vlak is er een grote potentiële bijdrage mogelijk tot de 2030 CO2-emissiereductiedoelstellingen: een volledige vergroening van het aardgasverbruik van de voedingsindustrie (13,4 PJ) zou 0,755 megaton CO2-emissiereductie bewerkstelligen. Ook draagt dit project bij aan de transitie naar een klimaatneutralere productie van voeding. Energie-efficiëntere productie en lagere productiekosten komen de voedselprijzen, en dus de consument, ten goede. Het project zet in op meerdere 'Duurzame Ontwikkelingsdoelstellingen': SDG 7 (Betaalbare en duurzame energie), SDG 9 (Veerkrachtige duurzame industrie, innovatie en infrastructuur), SDG 12 (Verantwoorde consumptie en productie).

Start Datum
01-02-2024
Eind Datum
31-01-2027
Verification Status
Not verified