DOSP-VHR-002913 | InsectMobil

Bewerk Dossier Terug

Details

Business Unit
DOSP-THM
Kennisgroep
Expertisecentrum Duurzame Biomassa en Chemie (RADIUS)
Beschrijving (Original)

Vlaanderen en bij uitbreiding de ganse wereld staat voor aanzienlijke uitdagingen rond verschillende thema’s zoals zero waste, stikstofuitstoot, watertekorten, niet gevaloriseerde reststromen, afhankelijkheid van buitenlandse eiwitten en onzekerheid binnen de landbouw. Hierdoor zullen deze landbouwers op zoek moeten naar alternatieven. Een van die alternatieve eiwitbronnen zouden insecten kunnen zijn. De eerste resultaten op labo- en pilootschaal zijn veelbelovend maar kampen met blokkerende onzekerheden. Zo is er nog geen proefbedrijf waar starters kunnen gaan kijken en/of ervaring opdoen en is er nood aan data, zoals kweek- (groei, opbrengst) en emissiegegevens op specifiek bedrijfsniveau. Niet alleen door de emissieproblematiek maar ook door de toenemende vergrijzing in de landbouw zullen er in de toekomst veel bedrijven leeg komen te staan. Waardoor enerzijds landbouw bedrijven leeg komen te staan en herbestemming nodig is en anderzijds dreigt op langere termijn een tekort aan lokaal geproduceerde eiwitten te ontstaan, waardoor een afhankelijkheid van andere landen voor basisbehoeften gecreëerd kan worden. Voor dit laatste werd in 2019 door voormalig minister van Economie, Landbouw en Innovatie Hilde Crevits de eiwitstrategie gelanceerd waarin insecten als alternatieve proteïnebron werd opgenomen. Echter tot op heden zijn door gebrek aan voorbeelden en door gebrek aan cijfermateriaal slechts enkele insectenkwekers opgestart. Ten slotte zijn momenteel nog veel reststromen uit de agro- voedingsindustrie die momenteel niet gevaloriseerd worden. Vaak is het niet de moeite, door hoeveelheid, houdbaarheid of afstand, om deze te valoriseren in klassieke diervoeders volgens de waardepiramide voor biomassa. Vaak worden deze reststromen vergist, gecomposteerd of in het slechtste geval verbrand omdat een lokale verwerking niet mogelijk lijkt. Insecten, waaronder BSF larven en meelwormen, zijn zeer geschikt om verschillende soorten van restromen om te zetten naar hoogwaardige eiwitten die hergebruikt kunnen worden in diervoeders of voor humane consumptie. Hoewel het kweken van insecten kan bijdragen tot het oplossen van de hierboven beschreven problemen, is er van een echte insectensector nog geen sprake. Momenteel is er al heel wat onderzoek uitgevoerd naar de mogelijkheden en het potentieel van insectenkweek, maar vaak beperkt dit zich tot resultaten op laboratoriumschaal. Uit communicatie met verschillende actoren binnen de sector blijkt als belangrijkste reden dat potentiële kwekers praktijkervaring met insecten missen. Een mobiele kweekinstallatie, bestaande uit meerdere modules, kan hierbij als katalysator fungeren. Deze mobiele kweekinstallatie wordt op bedrijven geplaatst zodat o.a. landbouwers in de praktijk kunnen ondervinden hoe het is om met de insecten te werken. Hiermee doen ze enerzijds op een laagdrempelige manier de nodige kennis en ervaring op vanuit hun eigen specifieke context. Daarnaast is een dergelijke installatie een ideaal demo- en communicatie-instrument gericht op kennisoverdracht naar andere geïnteresseerden. Op deze manier maken ze kennis met insectenkweek en met de mogelijkheden binnen een circulaire context. De mobiele kweekinstallatie wordt bovendien voorzien van de nodige sensoren om de emissies zoals ammoniak, CO2, methaan, fijn stof, … te meten. Deze gegevens bezorgen niet alleen onderzoekers en kwekers maar ook overheden relevante data uit praktijksituaties die enorm belangrijk zijn. Enerzijds om inschattingen te maken van de haalbaarheid van insectenkweek in een specifieke context. Anderzijds met het oog op het evalueren van vergunningsaanvragen.

Beschrijving (Enhanced)
Insecten als duurzame eiwitbron voor landbouwers: innovatieve mobiele kweekinstallatie biedt praktijkervaring, kennisoverdracht en emissiemetingen voor succesvolle insectenkweek en circulaire toepassingen.
Beschrijving (Cleaned)

Vlaanderen en bij uitbreiding de hele wereld staat voor aanzienlijke uitdagingen rond verschillende thema’s zoals zero waste, stikstofuitstoot, watertekorten, niet-gevaloriseerde reststromen, afhankelijkheid van buitenlandse eiwitten en onzekerheid binnen de landbouw. Hierdoor zullen deze landbouwers op zoek moeten naar alternatieven. Een van die alternatieve eiwitbronnen zouden insecten kunnen zijn.

De eerste resultaten op labo- en pilootschaal zijn veelbelovend maar kampen met blokkerende onzekerheden. Zo is er nog geen proefbedrijf waar starters kunnen gaan kijken en/of ervaring opdoen en is er nood aan data, zoals kweek- (groei, opbrengst) en emissiegegevens op specifiek bedrijfsniveau.

Niet alleen door de emissieproblematiek maar ook door de toenemende vergrijzing in de landbouw zullen er in de toekomst veel bedrijven leeg komen te staan. Waardoor enerzijds landbouwbedrijven leeg komen te staan en herbestemming nodig is en anderzijds dreigt op langere termijn een tekort aan lokaal geproduceerde eiwitten te ontstaan, waardoor een afhankelijkheid van andere landen voor basisbehoeften gecreëerd kan worden.

Voor dit laatste werd in 2019 door voormalig minister van Economie, Landbouw en Innovatie Hilde Crevits de eiwitstrategie gelanceerd waarin insecten als alternatieve proteïnebron werd opgenomen. Echter tot op heden zijn door gebrek aan voorbeelden en door gebrek aan cijfermateriaal slechts enkele insectenkwekers opgestart.

Ten slotte zijn momenteel nog veel reststromen uit de agro-voedingsindustrie die momenteel niet gevaloriseerd worden. Vaak is het niet de moeite, door hoeveelheid, houdbaarheid of afstand, om deze te valoriseren in klassieke diervoeders volgens de waardepiramide voor biomassa. Vaak worden deze reststromen vergist, gecomposteerd of in het slechtste geval verbrand omdat een lokale verwerking niet mogelijk lijkt.

Insecten, waaronder BSF larven en meelwormen, zijn zeer geschikt om verschillende soorten reststromen om te zetten naar hoogwaardige eiwitten die hergebruikt kunnen worden in diervoeders of voor humane consumptie. Hoewel het kweken van insecten kan bijdragen tot het oplossen van de hierboven beschreven problemen, is er van een echte insectensector nog geen sprake.

Momenteel is er al heel wat onderzoek uitgevoerd naar de mogelijkheden en het potentieel van insectenkweek, maar vaak beperkt dit zich tot resultaten op laboratoriumschaal. Uit communicatie met verschillende actoren binnen de sector blijkt als belangrijkste reden dat potentiële kwekers praktijkervaring met insecten missen.

Een mobiele kweekinstallatie, bestaande uit meerdere modules, kan hierbij als katalysator fungeren. Deze mobiele kweekinstallatie wordt op bedrijven geplaatst zodat o.a. landbouwers in de praktijk kunnen ondervinden hoe het is om met de insecten te werken. Hiermee doen ze enerzijds op een laagdrempelige manier de nodige kennis en ervaring op vanuit hun eigen specifieke context. Daarnaast is een dergelijke installatie een ideaal demo- en communicatie-instrument gericht op kennisoverdracht naar andere geïnteresseerden.

Op deze manier maken ze kennis met insectenkweek en met de mogelijkheden binnen een circulaire context. De mobiele kweekinstallatie wordt bovendien voorzien van de nodige sensoren om de emissies zoals ammoniak, CO2, methaan, fijn stof, … te meten. Deze gegevens bezorgen niet alleen onderzoekers en kwekers maar ook overheden relevante data uit praktijksituaties die enorm belangrijk zijn. Enerzijds om inschattingen te maken van de haalbaarheid van insectenkweek in een specifieke context. Anderzijds met het oog op het evalueren van vergunningsaanvragen.

Resultaatsbeschrijving

02 - RCR02: Private investeringen in het project

1011 - RCO01: Aantal micro-ondernemingen ondersteund door dit project

1012 - RCO01: Aantal kleine ondernemingen ondersteund door dit project

1101 - RCO101: KMO’ die investeren in vaardigheden voor slimme specialisatie, industriële transitie en ondernemerschap

3984 - RCR98: KMO-personeel dat een opleiding voor slimme specialisatie, industriële transitie en ondernemerschap voltooit (groen)

Resultaatsbeschrijving (Cleaned)

02 - RCR02: Private investeringen in het project

1011 - RCO01: Aantal micro-ondernemingen ondersteund door dit project

1012 - RCO01: Aantal kleine ondernemingen ondersteund door dit project

1101 - RCO101: KMO's die investeren in vaardigheden voor slimme specialisatie, industriële transitie en ondernemerschap

3984 - RCR98: KMO-personeel dat een opleiding voor slimme specialisatie, industriële transitie en ondernemerschap voltooit (groen)

Start Datum
01-09-2023
Eind Datum
31-08-2026
Verification Status
Not verified